Aanvraagproces activiteitenplan

Op deze pagina kunt u lezen hoe het proces van subsidieaanvraag tot en met subsidievaststelling in zijn werk zal gaan. Per stap wordt op hoofdlijnen uitgelegd welke stappen u moet doorlopen.

Account aanmaken

Heeft u al een account? Registreren voor het nieuwe aanvraagtijdvak voor activiteitenplannen MDIEU kan met ingang van 1 december 2021 via Subsidieportaal Uitvoering Van Beleid.

Heeft u nog geen account? Dan maakt u eerst een account aan via Subsidieportaal Uitvoering Van Beleid. Met dit account kunt u een verzoek indienen om als aanvrager geregistreerd te worden.

Een nieuwe registratie kunt u indienen bij kopje ‘Mijn registraties’ door te kiezen voor ‘Nieuwe registratie’. Op het subsidieportaal kunt u binnen vijf werkdagen onder ‘Mijn registraties’ zien dat u als aanvrager bent geregistreerd. Met uw inlognaam en wachtwoord krijgt u direct toegang tot het subsidieaanvraagformulier.

In de Handleiding Subsidieportaal Uitvoering Van Beleid vindt u een uitleg van het gebruik van het subsidieportaal.

Subsidie aanvragen

U kunt uw subsidieaanvraag voor een activiteitenplan MDIEU indienen van maandag 10 januari 2022, 9:00 uur, tot en met donderdag 31 maart 2021, 17.00 uur. Buiten deze periode is het niet mogelijk om een aanvraag in te dienen. Het is nog niet bekend wanneer een eerstvolgende aanvraagtijdvak voor activiteitenplannen wordt opengesteld, maar het zal niet eerder zijn dan in de loop van 2023.

De subsidie voor een activiteitenplan kan worden aangevraagd door de hoofdaanvrager van een samenwerkingsverband binnen een sector. De aanvraag moet voldoen aan een aantal voorwaarden. Deze staan in artikel 16 van de regeling.

E formulier: Om een subsidie aan te vragen, gebruikt u het elektronische aanvraagformulier. In dit e formulier vult u de gevraagde gegevens in.

Bijlagen: Ook wordt u gevraagd bijlagen toe te voegen. Het is praktisch als deze bijlagen voorafgaand aan uw aanvraag goed invult.
De digitale modellen van deze bijlagen vindt u bij Uitvoeren en verantwoorden.

Let op: de kern van de aanvraag zit in het toevoegen van de nodige bijlagen. Begin daarom tijdig met het voorbereiden van deze stukken. Voor de subsidieaanvraag moeten de volgende bijlagen worden ingediend:

  • Samenwerkingsovereenkomst activiteitenplan;
  • statuten van de hoofdaanvrager plus statuten van de werknemers- plus werkgeversorganisaties in het samenwerkingsverband;
  • sectoranalyse van de sector waarop het activiteitenplan betrekking heeft;
  • Bijlage model activiteitenplan MDIEU (nieuwe versie vanaf 1 december 2021) 
    Verplicht format met inzicht in de thema’s en activiteiten, doelen, aanpak en verwachte resultaten; 
  • Bijlage model begroting MDIEU  (nieuwe versie vanaf 1 december 2021) 
    Verplicht format met onderbouwing van de kosten met toelichting op hoe de in het activiteitenplan opgenomen investeringen worden bekostigd;
  • Kopie-bankafschrift met rekeningnummer wat te herleiden is naar de hoofdaanvrager.

Beoordeling aanvraag

Uitvoering van Beleid beoordeelt of de ingediende subsidieaanvraag aan de gestelde voorwaarden voldoet. De ingediende en volledige aanvraag wordt beoordeeld, waarbij gekeken wordt of de activiteiten en de kosten subsidiabel zijn. Deze beoordeling duurt maximaal dertien weken. Als uw aanvraag niet volledig is, of moet worden bijgesteld, krijgt u een schriftelijk verzoek om de ontbrekende informatie aan te vullen. De behandeltermijn van dertien weken staat dan even stil tot het moment dat u de gevraagde informatie heeft verstrekt. In de praktijk kan het daarom betekenen dat de beslissing op uw aanvraag langer dan dertien weken duurt.

Bevoorschotting

In uw subsidieaanvraag kunt u een voorschot op de subsidie aanvragen. Dit voorschot is standaard 20% van het toegekende subsidiebedrag. Het wordt binnen zes weken na de beschikking tot subsidieverlening uitbetaald. Een samenwerkingsverband kan wanneer de sector reeds bij aanvraag kosten heeft gemaakt voor RVU, om 40% vragen bij aanvang van het project, maar dient dit dan wel al bij de subsidieaanvraag te onderbouwen. Vervolgens kan 1 jaar na start uitvoering van het project het voorschot oplopen tot 80%, mits een voortgangsrapportage is ingediend, begeleid met een door een accountant opgesteld rapport van feitelijke bevindingen.

Rapportage- en meldplicht

De hoofdaanvrager dient schriftelijke melding te maken wanneer blijkt dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet, niet tijdig, of niet geheel zullen worden verricht. Dit geldt ook als niet, niet tijdig of niet geheel aan de verplichtingen van de subsidie kan worden voldaan.

Indien de projectperiode langer is dan 12 maanden, dient de hoofdaanvrager na het eerste jaar van de projectperiode een voortgangsrapportage in.  In deze tussentijdse rapportage worden de tot dan toe behaalde resultaten en gemaakte kosten opgenomen. Bij deze voortgangsrapportage dient een overzicht met BSN (burger service nummer) van de betrokken RVU-deelnemers te worden gevoegd en tevens is de aanvrager verplicht een door een accountant opgesteld rapport van feitelijke bevindingen toe te voegen.

Eindrapportage en eindafrekening

Als de uitvoering van het activiteitenplan is afgerond en de projectperiode is verstreken, dient de hoofdaanvrager binnen 22 weken de aanvraag voor subsidievaststelling in. Hiervoor komt een apart elektronisch formulier beschikbaar. Bij deze aanvraag voor subsidievaststelling dient een activiteitenverslag, een financieel verslag, een overzicht van kosten per activiteit, een overzicht met BSN (burger service nummer) van de betrokken RVU-deelnemers middels een voorgeschreven format, en een einddeclaratie te worden ingediend.

Bij afronding van het project, wordt ook getoetst op de realisatie van de in de beschikking toegekende bedragen. Het gerealiseerde deel van de verleende subsidie voor activiteiten rondom duurzame inzetbaarheid mag niet meer dan het daarvoor toegekende subsidiebedrag zijn. Ook mag het niet lager zijn dan 50% van het daarvoor toegekende subsidiebedrag. Mocht dit laatste toch minder zijn dan de helft, dan kan de subsidie worden verlaagd of op nihil worden vastgesteld. Voor het onderdeel eerder uittreden geldt een dergelijke bepaling niet.