Overzicht aanvraagcriteria

Op deze pagina is een samenvatting opgenomen van de eisen waaraan een aanvraag moet voldoen. Voor de precieze vereisten dient u de subsidieregeling te raadplegen.

Aanvragers

Subsidie op grond van deze regeling kan worden aangevraagd door opleiders, opleiderscollectieven of samenwerkingsverbanden. In het geval een opleiderscollectief of samenwerkingsverband subsidie aanvraagt wordt dit gedaan door de hoofdaanvrager. Bij een opleiderscollectief is dit een opleider en bij een samenwerkingsverband is dit een brancheorganisatie, O&O-fonds of werknemers- of werkgeversvereniging. De hoofdaanvrager dient gemachtigd te zijn om de andere partijen in het opleiderscollectief of samenwerkingsverband in en buiten rechte te vertegenwoordigen.

Scholingscategorieën

Subsidiabele scholingstrajecten in deze regeling zijn onderverdeeld in drie categorieën, waarbij:

Categorie A scholing betreft, waarbij geldt dat elke scholing:
1°. ten minste zes maanden wordt aangeboden via een leerpakket of abonnement;
2°. voor ten minste een module van het leerpakket of abonnement wordt afgesloten met een bewijs van afronding; 
3°. een studiebelasting van minimaal 8 uur heeft; en
4°. een waarde heeft van ten minste € 150,00.

Categorie B scholing betreft, waarbij geldt dat elke scholing:

1°. is gericht op het verkrijgen of verbeteren van basisvaardigheden, arbeidsmarktvaardigheden en sociaal-communicatieve vaardigheden die behulpzaam zijn bij het verrichten van werkzaamheden, dan wel die bestaat uit vakgerichte bijscholing;

2°. niet wordt aangeboden via een leerpakket of abonnement;

3°. een studiebelasting van minimaal 16 uur heeft;

4°. persoonlijke begeleiding en ondersteuning biedt; en

5°. een waarde heeft van ten minste € 500,00.


Categorie C scholing betreft scholing, waarbij geldt dat elke scholing:

1°. is gericht op afsluiting met een certificaat of diploma op middelbaar of hoger onderwijsniveau of een branche- of sector-erkend certificaat of diploma;

2°. niet wordt aangeboden via een leerpakket of abonnement;

3°. persoonlijke begeleiding en ondersteuning biedt; en

4°. een minimumbedrag van € 1.000,00 heeft, waarbij geldt dat alle scholingen die in de catalogus, bedoeld in artikel 5, eerste lid, zijn opgenomen, een gemiddelde waarde hebben van ten minste € 1.250,00.

Algemene eisen aan scholing

De scholing waarvoor subsidie wordt aangevraagd moet voldoen aan de volgende eisen:

a. de scholing beschikt over één van de volgende certificeringen of keurmerken:

1°. wordt aangeboden door een opleidingsinstituut dat door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap erkend onderwijs verzorgt en die leidt tot een diploma of certificaat, dan wel verband houdt met onderdelen van een door deze minister vastgesteld kwalificatiedossier, vastgestelde kwalificatie of een door de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie geaccrediteerde opleiding, of

2°. leidt tot een door het Nationaal Coördinatiepunt NLQF ingeschaalde kwalificatie, die is opgenomen in het NCP-register, of

3°. wordt gegeven door een opleidingsinstituut, een trainingsbureau of examenaanbieder die in het bezit is van het NRTO-keurmerk, of

4°. in geval van scholing uit categorie C kan deze scholing ook omvatten een EVC-procedure bij een erkende EVC-aanbieder, scholing bij een instelling die opleidt tot een branche- of sector-erkend certificaat of bedrijfsopleidingen aanbiedt.

(Indien de opleider in een van de andere lidstaten van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland is gevestigd, wordt, bij het niet beschikken over een certificering of keurmerk, zoals hierboven beschreven, een in dat land overeenkomstige certificering of keurmerk gelijkgesteld met deze certificeringen of keurmerken.)

b. de scholing wordt kosteloos aangeboden;

c. de scholing is arbeidsmarktrelevant;

d. de scholing valt onder een categorie zoals op deze pagina beschreven staat;

e. de scholing kan in ieder geval gedeeltelijk online worden gegeven;

f. de aan 1 september 2020 voorafgaande periode waarin dezelfde scholing werd aangeboden, werd die scholing voor een vergelijkbare of hogere prijs aangeboden;

g. de scholing komt niet in aanmerking voor andere financiering van overheidswege; en

h. de scholing wordt afgesloten met een bewijs van afronding.

Catalogus

Een opleider, opleiderscollectief of samenwerkingsverband neemt het scholingsaanbod op in een catalogus, die voldoet aan de eisen, bedoeld in bijlage I en stelt die online beschikbaar. NB het te verplichte sjabloon voor de catalogus zal zo spoedig mogelijk op de pagina Uitvoeren en verantwoorden worden geplaatst.

Opleiders

De opleiders die de scholing gaan uitvoeren moeten voldoen aan de volgende eisen:

  • De opleider (ook binnen een opleiderscollectief of samenwerkingsverband) verklaart dat hij voldoet aan de eisen van bijlage II behorend bij artikel 7, eerste lid van de regeling, en kan dit bewijzen op het moment dat de minister aanleiding heeft om de verklaring te controleren. In het geval van een aanvraag door een opleiderscollectief of samenwerkingsverband verklaart de hoofdaanvrager namens alle opleiders in het opleiderscollectief of samenwerkingsverband dat deze voldoen aan deze eisen. Enkele eisen die in de bijlage zijn opgenomen zijn:
  • De opleider moet in staat zijn om in korte tijd te kunnen voldoen aan de capaciteitseis. Dat wil zeggen dat de opleider of in het geval van een opleiderscollectief of opleiders in een samenwerkingsverband gezamenlijk in de afgelopen drie jaar een periode van zes maanden het minimum aantal scholingstrajecten -dat wordt gesteld in de capaciteitseis- uitgevoerd moeten hebben.
  • De opleider biedt de scholingstrajecten kosteloos aan de deelnemer aan en zal geen kosten voor het volgen van een scholingstraject doorberekenen aan de deelnemer.

Definitie van een deelnemer aan een scholingstraject

Een deelnemer is een natuurlijk persoon die een band heeft met de Nederlandse arbeidsmarkt, achttien jaar ouder is en de pensioengerechtigde leeftijd nog niet bereikt. Een band met de Nederlandse arbeidsmarkt wordt in ieder geval aangenomen wanneer de deelnemer een Burgerservicenummer (BSN) heeft.